Zaterdag 11 april had ik eindelijk weer eens de tijd om naar buiten te gaan. Er was me gevraagd taxi te spelen om onze dochter en een vriendin ergens af te zetten. Na een aantal uur zou ik ze ook weer ophalen en in die tussentijd had ik dan de gelegenheid om iets te gaan bezoeken. Het dichtstbij was het Harderbroek, dus dat leek een prima plek om naartoe te gaan. Ik was er nog niet eerder geweest, maar had op waarneming.nl wel gezien dat er regelmatig leuke waarnemingen vandaan kwamen. Om half 10 had ik de dames afgeleverd en een goed kwartier later was ik bij de parkeerplaats van het Harderbroek.
Het gebied zelf leek afgesloten met een groot hek, maar het Laarzenpad was gewoon toegankelijk. Ik had de avond ervoor even gekeken hoe het gebied eruit zag en hoe je er kon wandelen en dat leek prima te doen. Dus ik ben direct begonnen het Laarzenpad af te lopen. In het begin loopt het pad door lage bosjes en struiken en hoorde ik overal om me heen gezang. Met name lieten de Zwartkoppen zich goed horen, maar ook hoorde ik kort een Braamsluiper. Dit vind ik een heel leuke soort, maar, natuurlijk, kon ik de zanger niet vinden. Wat verderop langs het pad werden de struiken wat hoger en stonden er verschillende hoge bomen. Ook hier hoorde ik vooral Zwartkoppen, maar ook een Winterkoning en Tjiftjafjes. Eigenlijk kreeg ik niet 1 zanger goed in beeld, dus een onscherpe foto van een Zwartkop was de eerste die ik wist te maken. Wat verderop, hoog in een boom op behoorlijke afstand, zat een Zanglijster te zingen. Hem kreeg ik wel in beeld, maar m’n camera leek het maar niet te willen begrijpen: de focus kwam overal op te liggen, behalve op de zanger. Van de 168 foto’s die ik gemaakt heb, waren er 2(!) scherp…
Ik zag dat er een pad naar links liep en ben daar een klein stukje in gelopen. Het liep langs een open stukje waar een bankje stond, een mooie plek, maar eigenlijk wilde ik richting het riet en het water. Daarom ben ik weer omgedraaid en heb het Laarzenpad verder vervolgd. Al vrij snel liep het pad het bos uit en keek ik uit over een open terrein waar halverwege rietvelden begonnen. Van de kaart die ik de avond ervoor had gezien, wist ik dat het pad rechtstreeks naar een vogelkijkhut liep. Het was behoorlijk gaan waaien, wat misschien de reden is dat ik niet zo heel veel hoorde. Een Rietzanger aan de rechterkant van het pad en eentje links, was alles wat ik te horen kreeg. Misschien/waarschijnlijk door de wind hielden de zangers zich op onderin het riet, waardoor ik ze niet te zien kreeg, ondanks dat ik verschillende keren stil heb gestaan in een poging om ze te vinden.
Uiteindelijk kwam ik uit bij de mooie, ruime kijkhut. Vanuit de hut had ik uitzicht over een behoorlijk groot water, met op grote afstand wat Eenden. Terwijl ik zo wat over het water zat te staren, fotograferen was er eigenlijk niet bij, bedacht ik dat het misschien mogelijk was naar de Oostvaardersplassen door te rijden. De meisjes hoefde ik voorlopig nog niet te halen en hier leek het niet heel veel interessanter te worden. Op Googlemaps zag ik dat ik wel wat om moest rijden omdat er een weg afgesloten was, maar de tijd die ik kwijt zou zijn aan het rijden viel toch wel mee. Snel ben ik weer uit de hut gelopen, heb nog kort geprobeerd de Rietzangers te vinden (wat dus niet lukte), en ben in de auto gestapt om koers te zetten naar bekend terrein van best een tijd geleden.
Omdat ik anders moest rijden dan ik eigenlijk gedacht had, kwam ik als eerste uit bij vogelkijkhut “de Grauwe Gans”. Ik heb zonder opgehouden te worden door wat dan ook, het pad afgelopen naar de hut. Ik was er helemaal alleen, wat ik wel heel fijn vond, en hoorde ook hier al snel een Rietzanger zingen. Hij zat aan de overkant van een klein baaitje van de grote plas en liet zich een beetje zien door het dichte riet. Af en toe nam hij de moeite om een baltsvlucht te maken en tijdens 1 vlucht landde hij iets meer naar voren. Zo had ik dan toch een mooi plaatje van 1 van mijn vele favoriete zangers. Nadat ik een tijdje in de hut was geweest en er niet meer te zien of te horen was, ben ik weer naar de auto gelopen om naar de volgende plek te rijden. Ik twijfelde of ik eerst naar het IJsselmeer zou gaan, of dat ik eerst naar het bezoekerscentrum zou gaan om het gebied daar te bekijken. Ik besloot het laatste te doen en zette dus koers naar het zuiden over de Knardijk.
Tja… Er is een reden dat ik niet meer naar de Oostvaardersplassen ga. Sinds de film over de Oostvaardersplassen van Ruben Smit is het er eigenlijk te druk geworden om nog lekker met m’n hobby bezig te kunnen zijn (wat trouwens geldt voor heel veel plekken in Nederland). Toen ik in de buurt van het bezoekerscentrum kwam en de parkeerplaats opdraaide, schrok ik wel een beetje: de hele parkeerplaats stond vol en ik zag wat vlaggen wapperen van een grote fotografieketen. Zij hadden uitgerekend bedacht vandaag hun telescopen en verrekijkers te promoten, wat nog meer bezoekers leek te hebben aangetrokken… Gelukkig vond ik nog wel een parkeerplek, ik was tenslotte niet voor niets deze kant opgereden, en ben het park ingelopen. Het was inderdaad druk. Zeker in het begin stonden tientallen mensen, waar ik zo snel mogelijk afstand van heb genomen. Er bleek ook een nieuw pad te zijn aangelegd. Deze liep langs het water naar het observatiescherm “de Blauwborst”. Langs het pad zag of hoorde ik niks. Bij het scherm des te meer… Ook hier stonden veel mensen en ik moest zelfs even wachten voordat er een plekje vrij kwam om over het water en het riet uit te kijken (later zag ik dat in de ochtend hier een Porseleinhoen van heel dichtbij gezien was…). Toen ik eindelijk de kans had, zag ik helaas ook hier niets. Dus weer verder.
Het pad meer het gebied in was afgesloten voor “wintersluiting”. Dit is ervoor om de grazers wat meer ruimte en rust te geven tijdens de winter. Het enige pad wat dan te volgen was, is degene naar kijkhut de Schollevaar. In eerdere jaren heb ik uren langs dit pad doorgebracht en veel leuke foto’s kunnen maken van Blauwborstjes, Rietzanger en nog veel meer. Nu, het dreigt saai te worden, zat er niets. Ik hoorde wel wat zingen, maar de zangers waren niet te vinden omdat ze aan de overkant van de vaart zaten en waarschijnlijk laag in het riet. Na een behoorlijke wandeling, nog steeds met fikse wind, kwam ik aan bij de kijkhut. De mensen die me voor waren gegaan bleken naar de bovenste verdieping te zijn geklommen waardoor ik alleen beneden zat in het gezelschap van een paartje Boerenzwaluwen. Na het maken van redelijke foto’s onder lastige omstandigheden van deze migranten, heb ik de plassen in oostwaartse richting afgespeurd en kon een redelijk foto maken van een groepje vliegende Krakeenden. Met een foto van een Witte Kwikstaart heb het bezoek aan deze hut afgesloten en ben zonder verder oponthoud naar de auto gelopen. Ik had nog 1 stop voordat ik weer richting de meisjes moest en dat was vogelkijkhut “de Grote Zilverreiger” bij het IJsselmeer.
Toen ik bijna bij de rotonde naar de Oostvaardersdijk was, zag ik rechts bij het water een hele groep vogelaars. Ik heb het water heel (té) snel afgezocht, maar zag niks waarvoor ik moest stoppen. Later bleek dat er een Witvleugelstern had gezeten en een Witwang! Aangekomen bij de parkeerplaats aan het IJsselmeer heb ik voor de één-na-laatste keer de spullen op m’n rug gehesen om ook hier naar de vogelkijkhut te wandelen. Vanaf het pad waren ook hier best wat zangertjes te horen, maar ook zij lieten zich niet zien. Eén van de zangers was een Snor, de eerste voor dit jaar. Ook bij deze hut was het opvallend rustig. Heel in de verte zwommen enkele Bergeenden en aan de achterkant zat een Winterkoning te zingen. Tegen het moment dat ik weer wilde gaan, verscheen er ineens een Bruine Kiekendief boven het riet aan de overkant van het water. Hij, en later zij, liet zich best heel mooi zien, dus met de foto’s die ik kon maken was ik best tevreden.
Daarna bedacht ik dat het tijd werd om weer richting het Harderbroek te gaan om in de buurt van de meisjes te zijn wanneer zij gehaald wilden worden. Ik ben weer teruggelopen naar de parkeerplaats en ook nu kreeg ik niet 1 van de zangers te zien. Die verr… wind… Bij de parkeerplaats aangekomen heb ik snel het IJsselmeer afgescand maar eigenlijk vond ik het wel welletjes. Ik stond op het punt in de auto te stappen, toen ik in mijn ooghoek rechts iets zag vliegen. Ik keek en dacht: “Wat een vreemd bruine Meeuw”, maar eigenlijk op hetzelfde moment realiseerde ik me: Velduil! Gelukkig stond m’n camera nog op de paniekstand vanwege de Kiekendieven en kon ik meteen gaan schieten. De vogel vloog niet heel ver uit de kant, maar op een geven moment vloog hij zelfs recht op me af! Wat een prachtig dier! Ik heb me helemaal wild gefotografeerd tot de vogel opsteeg, afboog naar het zuiden en verder ging. Toen ik stond bij te komen van dit fantastische moment, kwam de Velduil weer even terug, minder dichtbij deze keer, maar kon ik nog enkele foto’s maken. Daarna steeg hij op en verdween boven de polder. Dit had ik zeker niet verwacht en het maakte alles goed wat ik vandaag niet in beeld heb kunnen krijgen. Ik vind dit zo’n mooie vogels en de ontmoetingen zijn zo sporadisch en onverwacht, dat het iedere keer weer als heel bijzonder voelt als ik er 1 te zien krijg.
Ik ben weer in de auto gestapt en naar het Harderbroek gereden. Daar heb ik nog een keer het Laarzenpad afgelopen, nu met de omweg langs het bankje, en heb een laatste foto van Pijlstaarten gemaakt vanuit de hut. Toen deze mooie Eenden vastgelegd waren, werd ik gebeld om de meisjes weer te gaan halen. En hiermee kwam er een einde aan een bijzondere vogeldag. Helaas heb ik niet veel vogels gezien, maar degenen die ik zag waren de moeite waard (eigenlijk zijn ze dat altijd). De wind hielp vast niet en de grote hoeveelheid mensen in de Oostvaardersplassen vast ook niet. Maar dit werd helemaal gecompenseerd door de toevallige ontmoeting met de Velduil. Zo blijkt maar weer dat het eigenlijk altijd de moeite loont erop uit te gaan. Er is altijd wel iets de moeite waard!