Gelukkig zijn er de uitzonderingen welke de regel bevestigen. Ik vind het binnen de hele Anthus familie een drama om de soorten uit elkaar te houden. Het biotoop waarin de vogels zich bevinden helpt soms, maar is zeker niet altijd doorslaggevend. Als het me lukt een beetje redelijke foto’s van deze mooie vogeltjes te maken, dan heb ik thuis in ieder geval nog de mogelijkheid om de foto’s te vergelijken met de plaatjes in m’n vogelboeken en lukt het me dan 9 van de 10 keer wel de vogel op de foto op naam te brengen.
Maar zoals ik al schreef: gelukkig zijn er uitzonderingen. Toen ik nog niet heel lang bezig was met fotograferen, kreeg ik een keer de tip om naar de Bennekomse Hooilanden te gaan. Daar zaten vaak Gele Kwikstaarten, maar ook vele andere interessante soorten. Toen ik er op een dag ging kijken, werd me door medevogelaars gevraagd die daar ook aanwezig waren of ik “hem” al gezien had. Ik had geen idee waar het om ging, wie “hem” was, maar het bleek om een Roodkeelpieper te gaan. Iedereen leek opgewonden, maar ik heb niet de moeite genomen om “hem” te vinden. Ik vond het al bijzonder genoeg dat ik Gele Kwikstaarten mooi op de foto kreeg en ook Graspiepers die er volop zaten. Toen ik de foto’s van de Roodkeel later zag op waarneming.nl van de mensen die het vogeltje wel gezien hadden, begreep ik hun enthousiasme wel. Het zijn inderdaad mooie vogels en komen hier niet vaak voor.
Om ze met een soort van zekerheid te kunnen zien, moet je naar het hoge noorden. Ik ben 2 keer naar het Varanger schiereiland geweest, waarvan 1 keer in juni. 1 Van de kenmerkende soorten die in een boek genoemd worden, wat ik als gids gebruikte, was de Roodkeelpieper. Ik hoopte natuurlijk veel te gaan zien en daar was de Roodkeelpieper zeker ook onder. Op een aantal plekken waar hij zou moeten zitten, vond ik hem niet. De vierde dag dat ik op het Schiereiland was en een trip naar de noordkant maakte, hield ik een pauze bij een groot meer aan het begin van de hoogvlakte. Ik kon me nauwelijks voorstellen dat hier, in deze tijd van het jaar (het was juni, maar nog verre van voorjaar), vogels zouden kunnen leven. Maar zoals wel vaker bleek ik het verkeerd te hebben. Als eerste zag ik een Tapuit en niet veel later de makkelijk te herkennen uitzondering van de Anthus familie, de Roodkeelpieper. Het rood op de borst is een “nice touch” om hem te onderscheiden van de andere Piepers. Ik was heel blij hem in deze omgeving te zien en dat het me gelukt was hem vast te leggen. Ik had “hem” nu dus ook en daar ben ik heel blij mee!