Als ik zeg Regenwulp, dan zeg jij…? Wedden dat het antwoord dan “Een vlucht Regenwulpen” van Maarten ’t Hart is? En dat is ook wel te begrijpen: het is een beroemd boek en een minder bekende vogel. De “gewone” Wulp is algemeen bekend waarschijnlijk met name door zijn gebogen snavel. Zijn kleinere neefje is, naar mijn idee, minder bekend. Je ziet ze in Nederland natuurlijk ook een stuk minder. Alleen op doortrek in voor- en najaar heb je bij ons kans ze tegen te komen. Ik meen dat ik ze in mei 2018 gezien heb in een polder bij Zuidlaren, maar ben nooit helemaal zeker van mijn zaak geweest. Daarom heb ik ze toen niet aan mijn lijst toegevoegd.
Maar dat kan nu wel! In 2022 was ik voor de 2de keer in juni in het noorden van Noorwegen, op Varanger om precies te zijn. Ik heb daar verschillende gebieden bezocht waarbij ik 2 keer een Wulp ben tegengekomen. Ik twijfel zelfs of ik toen meteen gerealiseerd heb dat het om de Regenwulp ging, maar dat is niet zo belangrijk.
1 Van de dagen ben ik met een gids op pad geweest en kregen we het onder andere over de Wulp. Ik vertelde hem dat ik een “Curlew” had gezien, waarop hij zei dat ik een Whimbrel had gezien. Het kwartje viel nog niet meteen, maar al vrij snel begreep ik dat het om de Regenwulp ging. Dat was de Wulp die ik gezien had. En dat klopt natuurlijk ook wel. De Regenwulp is de Wulp van het noorden en broedt op de toendra en noordelijke heide gebieden. Dit klopte helemaal met waar ik de vogels was tegengekomen en vanaf dat moment weet ik het dus zeker: Ik heb de Regenwulp gezien! En daarmee kan ik hem met een gerust hart toevoegen aan mijn lijst. En dat vind ik heel fijn!